Schilderij van Slot Heemstede. | Foto: PR
Schilderij van Slot Heemstede. | Foto: PR Foto: PR

DEVER 650 jaar: De jeugd van Reinier

In de jaren zeventig van de 14e eeuw is donjon Dever door ridder Reinier d’Ever gebouwd. Waarschijnlijk is de bouw gestart in 1376, nu 650 jaar geleden. Daarom wordt in Sporen van Vroeger komende tijd ingegaan op de geschiedenis van Dever. De jeugd van Reinier d’Ever wordt beschreven. 

Onderstaande gegevens komen uit een artikel in 2021 van Folkert van der Veen en Cees van Biezen in het Dever Bulletin.


Reinier Dever is geboren in 1332. Hij had een jongere broer Wouter en 2 zussen Liesbeth en Marie. Zijn vader was ridder Gherit van Ever, ook Gerardus d’Ever genoemd. Ridders waren in die tijd onder andere beveiligers van adellijke families. Zoals in de middeleeuwen gewoon was bij kinderen van ridders, zal de opvoeding vanaf ongeveer 7-jarige leeftijd bij de betreffende adellijke familie plaats hebben gevonden. In het geval van Reinier was dat bij oom Gerard van Heemstede. Meestal duurde zo’n verblijf ongeveer 7 jaar en werd je opgeleid tot page. Waarschijnlijk bleef Reinier tot 1350 onder de vleugels van Gerard van Heemstede om opgeleid te worden tot schildknaap. Reinier bleef dus ook na de dood van zijn ouders nog enige jaren onder de voogdij van zijn oom. Hij werd daar klaargestoomd door zijn leermeester om deel te gaan nemen aan het krijgsgeweld en voor de adellijke levenswijze. 


Gerard van Heemstede 

Gerard van Heemstede (1320-1375) was heer van Heemstede, Bennebroek, Lisse, Berkelrode, De Lier en Teylingen. Hij was ook raadslid, houtvester en schat- en zegelbewaarder van de graaf van Holland en Zeeland. Hij was een zoon van Reinoud II van Heemstede en Beatrise. Hij werd op 6 september 1346 officieel beleend met Heemstede door gravin Margaretha. De gravin gaf ook aan Reinier d’Ever in 1346 alle leenbezittingen, die zijn vader al eerder had, in leen. Reinier was toen 14 jaar. 


Leenbezittingen (of leengoederen) zijn onroerende goederen, rechten of inkomsten die in de middeleeuwen door een leenheer (bijvoorbeeld een koning of hoge edelman) in leen werden gegeven aan een leenman (vazal). De leenman kreeg het recht om het goed te gebruiken en de opbrengsten ervan te innen, maar het juridische eigendom bleef bij de leenheer. In ruil voor de leenbezittingen zwoer de leenman trouw aan de leenheer. Hij beloofde de heer te dienen, bijvoorbeeld door militaire steun in tijden van oorlog of deelname aan het bestuur.

Leenbezittingen waren erfelijk, maar bij elke overgang naar een opvolger moest vaak opnieuw trouw worden gezworen aan de leenheer. Als een leenman geen kinderen had, gingen de goederen weer naar de leenheer, die ze daarna vaak weer in leen gaf aan een andere familie, die waardevol voor hem was.


Slot Heemstede

Gerard van Heemstede woonde in het grote slot bij Heemstede aan het Haarlemmermeer. Het was tussen 1280 en 1290 gebouwd. Het slot werd in 1393, 1404 en 1426 door de Kabeljauwen tijdens de Hoekse en Kabeljauwse Twisten verwoest, maar steeds weer opgebouwd. Uiteindelijk werd het in 1810 afgebroken vanwege ernstige verzakkingen. Van het slot zelf bestaan alleen nog de middeleeuwse funderingen.