Logo lissernieuws.nl
<p>De schuilkerk bij het Mallegat, herbouwd in 1710. | Foto: Oud Lisse</p>

De schuilkerk bij het Mallegat, herbouwd in 1710. | Foto: Oud Lisse

(Foto: Oud Lisse)
Sporen van Vroeger

Sporen van vroeger: Klopjes van Lisse

  Column

Klopjes waren katholieke vrouwelijke geestelijken die de gelofte van kuisheid hadden afgelegd. Zij leefden niet binnen een klooster, maar thuis of met enkele vrouwen samen in één huis. Zij werkten veel in de zorg of gaven les op school. De oudere generatie kan de lesgevende klopjes nog hebben gekend of ervan hebben gehoord.

In het Nieuwsblad van de VOL in de tweede uitgave van 2020 staat een verhaal van Dirk Floorijp over deze klopjes. Een groot deel van deze Sporen van vroeger is ontleend aan dit artikel. Het kloppenleven ontstond na 1581 toen de gereformeerden een algeheel verbod op kloosterorden invoerden. De katholieke religie mocht wel beleden worden, als het maar niet gezien werd.

Schuilkerken
Daarom kwamen er schuilkerken, die verstopt werden achter muren of bosschages en binnen gebouwen. Het was echt een typisch Nederlands verschijnsel. Ook in Lisse waren er schuilkerken. Zoals ten noorden van het Mallegat, ten westen van de Achterweg bij de Engel. Aan de overkant van het Mallegat heeft een boerderij gestaan met de naam Kloppenhoeve. Van de schuilkerk is niets meer te zien dan alleen de grafsteen van de pastoors die er hebben gediend. Deze steen is geschonken in 1938 aan de St. Agathakerk. Sinds die tijd ligt hij op de begraafplaats van de Agathakerk op het linkergedeelte, helemaal vooraan tegen het Franciscushuis aan. De steen is in slechte staat en zou eigenlijk gerestaureerd moeten worden.

Ontdekte klopjes
Ook in Lisse heeft Floorijp een viertal klopjes ontdekt. In 1765 woonde Antje Cornelisdochter Ruijgrok van der Werve met Antje Maartensdochter van de Velde samen op de buitenplaats Wassergeest. In een testament laten ze aan elkaar hun bezit na. Ook Lena van Oerle, dochter van de wagenmaker Pieter van Oerle, in 1767 thuiswonend, was een klopje. In een oude akte lezen we dat in 1813 pastoor Johannes Christophorus Freede van de schuilkerk op zijn ziekbed zijn testament opmaakt. Op één legaat na laat hij alles achter aan zijn geestelijk dochter (klopje) Lijbje Hendrikse Karstens, wonende te Lisse.
Na het uitkomen van het Nieuwsblad met het verhaal van Florijp reageerde iemand van de Agathakerk. Deze meldde dat er ook een klopje, genaamd Anna Clemensdr Swanenburg heeft bestaan. Tot nu toe zijn er dus al vijf klopjes achterhaald, maar wie weet komen er nog meer over de brug. De Kloppenbrug op de Achterweg over het Mallegat herinnert ons nog aan deze klopjes. De VOL wilde daarom graag dat de brug Klopjesbrug zou gaan heten, maar de gemeente Lisse heeft anders beslist.
‘t Huys Dever had ook een kerk, de kapelzaal herinnert daar nog aan. Achter de grote kastdeuren heeft ooit een albasten altaar gestaan. Ook in het oude Meerenburgh was zo’n kapelzaal. Dit zouden ook schuilkerken zijn geweest.
Cultuur-Historische Vereniging
“Oud Lisse”
info@oudlisse.nl

Meer berichten